9. Xi’an & Terracotta leger

Xi’an ligt in de provincie naast Chengdu, genaamd Shaanxi. Het is één van de oudste steden van China en is verschillende keren de hoofdstad geweest tussen ~1000 voor Christus en  ~900 na Christus. Het was het startpunt van de zijderoute en is ook bekend om het terracotta leger dat hier ontdekt is. In de Tang dynastie was Xi’an voor een periode de stad met het grootste inwonersaantal ter wereld. Tegenwoordig is het één van de vele miljoenensteden in China met een metronetwerk etc.

Na een treinreis van maarliefst 17 uur en ongeveer 650 km kwamen we hier aan. De reden dat de treinreis deze keer zo lang duurde is omdat de hogesnelheidslijn tussen de twee steden nog niet af is (deze gaat vanaf november in werking). Met de hogesnelheidslijn zou deze route dan in ongeveer 3 uur kunnen worden afgelegd.

Er is normaal keuze uit een ‘seat’, ‘soft sleeper’ en ‘hard sleeper’ maar omdat de tickets bijna uitverkocht waren was alleen deze optie over: een trein van 12:55 ‘s middags tot  de volgende ochtend rond 6:45 met een ‘hard sleeper’ bed. Omdat dit de goedkoopste optie is waren we op het ergste voorbereid maar dat was gelukkig niet nodig. De wagon was ingedeeld in compartimenten waar in elk compartiment 6 bedden (3 boven elkaar) waren  gebouwd. Het was comfortabeler dan de trein van Bangkok naar Chiang Mai, maar we werden wel behoorlijk geïrriteerd door de vieze gewoontes van twee mannen die bedden boven ons hadden (lees: smakken, neuspeuteren, scheten).

Hoewel het lang niet voor elke persoon geldt, is het wel opgevallen dat de (voor ons) vieze gewoontes in China redelijk veel voorkomen - behalve in provincie Guangdong (Guangzhou, Shenzhen, etc). Voornamelijk roggelen op straat (op zo’n manier dat de hele straat het kan horen) en smakken zijn de meest opmerkelijke gewoonten waar we moeilijk aan kunnen wennen. Volgens een vriend uit Shenzhen zijn de regio’s Guangdong, Shanghai en Beijing een stuk netter dan de rest van China.

Om het historische centrum staat een gigantische muur van 15 meter breed en 12 meter hoog die kenmerkend is voor de stad. De bouw is als kleien muur begonnen in de ‘Tang dynastie’ (618-907) en uitgebreid naar de huidige afmetingen, 14 kilometer lang, in de ‘Ming dynastie’ (1368-1644). In 1568 is de muur voorzien van bakstenen en in 1781 is dit bijgewerkt. Ten slotte zijn sinds 1983 door de provincie nog restauraties gedaan.  Voor ¥54 (€7,50) zijn we op de muur geklommen waarna we voor ¥45 (€6,25) een fiets konden huren om twee uur over de muur te fietsen.

In het midden van Xi’an staan de ‘bell tower’ en de ‘drum tower’. Beide torens zijn rond 1380 gebouwd. De bell tower dient als alarmmiddel en de drum tower om tijd mee aan te geven, en eventueel ook in noodsituaties te gebruiken. Onder elke trommel van de drum tower staan chinese teksten met de functie van de trommel, maar helaas konden we deze amper begrijpen omdat er geen vertaling beschikbaar was.

De bekendste attractie van Xi’an (of misschien zelfs China) is het terracotta leger, hier zijn we op 5 april naartoe gegaan. Met een bus van het noordelijke trein station konden we voor ongeveer €1 per persoon de bus nemen naar het museum. De entree was ¥150 (€20). Eenmaal aangekomen was het een stukje lopen naar de ingang van de excavatie-hallen.

Er zijn drie hallen, waarvan nummer 1 bekend is van de foto’s en de grootste is. In de hal staan meer dan 6000 krijgers, gemaakt van aardewerk, die een replica zijn van de keizerlijke garde destijds. Elke krijgsheer heeft een apart kapsel en een bronzen wapen (welke op dit moment in het museum liggen).

In hal 1 zagen we tot onze verbazing een bekend gezicht: de presentator van de documentaire ‘Langs de oevers van de Yangtze’. De cameramannen vertelden ons dat in juli 2017 een nieuwe documentaire komt, waar ze van noord naar zuid China reizen.

Pit 2 is een stuk kleiner, en wordt bestempeld als het commandocentrum met 68 krijgsheren, één strijdwagen en vier paarden. Hier was duidelijk te zien wat de staat van de beelden is bij het opgraven; alle beelden zijn gebroken en moeten dus worden hersteld. Dit geldt ook voor de beelden in hal 1.

 

In pit 3 staan meer dan 1000 krijgers en 90 houten strijdwagens. Het grootste deel is nog niet opgegraven, dus deze hal was minder interessant. In deze hal staan wél krijgsheren opgesteld in vitrines, waardoor ze beter bekeken kunnen worden.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *