8. Kanchanaburi

Onze volgende stop in Thailand was Kanchanaburi. Vanaf Chiang Dao pakten we de bus terug naar Chiang Mai (1,5 uur) om vervolgens om 8 uur ’s avonds op de nachtbus naar Kanchanaburi te stappen. De rit duurde maar liefst 10 uur, wat dus betekende dat we vroeg in de ochtend op onze bestemming aankwamen. Ondanks dat de bus in eerste instantie een beetje op een discobus leek door alle gekleurde lichten en felgekleurde paarse stoelen was de bus een stuk comfortabeler dan de trein! Helaas was er ook een man aan boord die enorm luid snurkte, dus slapen hebben we niet gedaan. Maar ons guesthouse was gelukkig op de hoogte van onze vroege aankomst en had gelijk een kamer vrij.

De volgende dag hebben we fietsen gehuurd en zijn we naar de erebegraafplaats en de brug over de rivier Kwai gefietst. De brug is het bekendste deel van de Birma spoorlijn, waar duizenden soldaten – gevangen door de Japanners tijdens WOII – gedwongen werden om mee te helpen bij de aanleg hiervan. De spoorlijn draagt de bijnaam ‘de Dodenspoorlijn’. De constructie van de 415 km lange en 1 meter brede spoorlijn zou volgens berekeningen minimaal 5 jaar moeten duren, maar werd door de inzet van dwangarbeiders in slechts 16 maanden voltooid. Dat was niet zonder gevolgen: het totale dodenaantal liep uiteindelijk op tot rond 15.000. Onder hen waren ook veel Nederlanders uit Nederlands-Indië. De doden zijn later begraven op drie erebegraafplaatsen; wij hebben de begraafplaats in Kanchanaburi bezocht.

Na de begraafplaats te hebben bezocht zijn we doorgefietst naar de brug, bekend van de film 'The bridge over the river Kwai'. De brug is meerdere keren gebombardeerd: de nieuwste gedeeltes hebben rechthoekige constructies in plaats van de originele ronde. Een deel van de spoorlijn wordt trouwens nog steeds gebruikt! Toeristen die de brug bezoeken moeten tijdens het voorbijgaan van een trein op de uitkijkplaatsen van de brug gaan staan. Vlakbij de brug is een museum over WOII, waar we ook nog naar toe zijn geweest.

Op zaterdag zijn we redelijk vroeg opgestaan om de bus naar de Hellfire Pass te pakken (2 uur, 50 baht p.p. = 1,40 euro p.p.). Hier zagen we een enorme doorgang door de rotsen heen, waar de spoorlijn vroeger is aangelegd (maar daar is niets meer van te zien). Arbeiders hebben hier met primitief gereedschap een weg door harde rots gehouwen. Het was mogelijk om naast de korte route van 40 minuten ook een grotere wandeling van ongeveer 2,5 uur door het park heen te maken, maar door de hitte en aanvallen van muggen en andere vliegende beesten vonden we het wel goed zo 🙂

Op onze laatste dag in Kanchanaburi hebben we ook fietsen gehuurd, dit keer om het noorden van de stad te verkennen. Het was alleen zo warm dat we besloten niet heel ver te gaan. Met dit warme weer kun je beter aan het strand zitten, dus gisteren vertrokken we richting Hua Hin: een badplaats die op ongeveer 3 uur rijden van Bangkok ligt.

One thought on “8. Kanchanaburi

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *